De juiste keuze

  

 

 Hoe u de beste operatie voor uzelf kunt kiezen

Het afvallen na een operatie voor ernstig overgewicht stopt meestal na twee á drie jaar. Daarna blijft het gewicht stabiel of neemt zelfs weer wat toe. Het beste resultaat op de weegschaal wordt dus binnen drie jaar na de operatie behaald. Het doel van de operaties zou dus best binnen die eerste drie jaar worden behaald. Dat doel is niet voor iedereen hetzelfde. Het gaat het daarbij om twee dingen: gelukkiger worden en gezonder worden. 

  1. Gelukkig zijn hangt niet helemaal van uw gewicht af. Het hangt meer af van de nieuwe kansen die een nieuw gewicht u in het leven kan bieden: nieuwe mogelijkheden, een nieuwe manier van bewegen, nieuwe mensen ontmoeten, een nieuwe baan of nieuwe plannen. Wie deze kansen tegenkomt en aangrijpt en daardoor echt zijn leven ziet veranderen heeft vaak het eerste doel bereikt. Dat kan al gebeuren bij een beperkt gewichtsverlies! Voor de kwaliteit van uw leven is het dan niet zo belangrijk nóg meer af te vallen. Na een operatie hoeft een ongunstig resultaat op de weegschaal dus niet altijd slecht te zijn.
  2. Uw gezondheid verbetert met elke kilo die u afvalt. Afvallen tot een normale BMI (20 - 25) zou ideaal zijn, maar is vaak niet haalbaar. Voor uw gezondheid is een BMI die op de lange termijn onder de 35 blijft al goed. Uw gezondheid verbetert ook al wanneer ziektes verdwijnen die door het overgewicht waren ontstaan, zoals suikerziekte, hoge bloeddruk, hoog cholesterol en OSAS. Dat kan al gebeuren bij een beperkt gewichtsverlies! Ook voor uw gezondheid hoeft een ongunstig resultaat op de weegschaal dus niet altijd slecht te zijn.

Het resultaat na twee á drie jaar is dus voor de één gunstig en voor de ander minder gunstig. Dit is vaak moeilijk van te voren te voorspellen. Daarom is het belangrijk vanaf het eerste moment in één keer de beste operatie te kiezen. Daarbij moeten drie dingen tegen elkaar worden afgewogen: hoe krachtig de operatie tegen het overgewicht werkt, hoeveel risico’s de operatie heeft en welke bijwerkingen.

Wij beschouwen de Gastric Bypass operatie als standaard waarmee alle andere operaties moeten worden vergeleken. De Gastric Bypass (maagomleiding) werkt zeer krachtig, in ieder geval tot een BMI 50. Een Gastric Bypass heeft een beperkt risico als de operatie wordt uitgevoerd door een ervaren chirurg in een ziekenhuis dat is gespecialiseerd in bariatrische chirurgie. De Gatsric Bypass heeft maar weinig bijwerkingen en werkt ook goed tegen suikerziekte. In de meeste gevallen is een Gastric Bypass operatie daarom de ideale operatie voor de patient.

De Maagband operatie werkt minder krachtig dan een Gastric Bypass, maar heeft het minste risico. Een maagband heeft wel meer bijwerkingen. Het kan klachten geven van pijn en braken en complicaties op de lange termijn. Een maagband werkt ook minder krachtig tegen suikerziekte.

De Sleeve Gastrectomie (maagverkleining) werkt niet zo krachtig als een Gastric Bypass, maar heeft net als een Gastric Bypass betrekkelijk weinig risico’s en weinig bijwerkingen. De Sleeve gastrectomie wordt echter nog niet zo heel lang uitgevoerd. Daarom weten we nog niet goed wat de resultaten zijn op de langere termijn.

Darmomleiding operaties werken krachtiger dan een Gastric Bypass, vooral boven een BMI 50. Darmomleiding operaties hebben wel meer risico’s en leiden vooral tot veel meer bijwerkingen dan bij een Gastric Bypass.

 

> uitleg over de operaties

> vier mogelijke situaties

> overzicht van de operaties en bijwerkingen